Naar de inhoud
koelkast.net
koelkast.net

Twijfel je?

Vijf korte vragen over je keuken en huishouden, en je ziet welke koelkasten passen.

Start de keuzehulp

Advies

Koelkast plaatsen: ventilatie, klimaatklasse en plek

Waar en hoe je een koelkast neerzet, bepaalt hoe goed hij koelt en hoeveel stroom hij verbruikt. Let op ventilatie, warmtebronnen en de klimaatklasse.

Door
Redactie koelkast.net
Bijgewerkt
Redactionele controle
nog niet gecontroleerd

Een koelkast haalt warmte uit de binnenruimte en geeft die af aan de kamer, via een rooster aan de achterkant, onderkant of zijkant. Staat hij op een warme plek of kan hij zijn warmte niet kwijt, dan moet de compressor langer draaien. Dat kost stroom en slijt het apparaat sneller. Met een paar aandachtspunten zet je hem goed neer.

1. Ventilatie

  • Vrijstaand: houd de ruimte aan die in de handleiding staat, vooral boven en achter het apparaat. Zet de koelkast niet klem tussen kasten of onder een laag blad, tenzij de fabrikant dat toestaat.
  • Inbouw: de keukenkast moet ventilatieopeningen hebben, meestal in de plint en boven in de kast of via een kanaal aan de achterkant. De installatievoorschriften noemen de minimale oppervlakte.
  • Onderbouw: onderbouwmodellen ventileren via de plint aan de voorkant. Een vrijstaand tafelmodel onder het aanrecht zetten kan alleen als het model daarvoor geschikt is.

2. Weg van warmtebronnen

Zet de koelkast niet direct naast een oven, fornuis, radiator of in de volle zon. Kan het niet anders, laat dan ruimte vrij of gebruik een isolerende tussenwand volgens de handleiding. Ook een vaatwasser of wasdroger ernaast geeft warmte af, al is dat meestal minder.

3. Klimaatklasse: hoe warm of koud mag het zijn?

Iedere koelkast is gemaakt voor een bepaald bereik van omgevingstemperatuur, de klimaatklasse. De Europese regels (Verordening (EU) 2019/2016) kennen vier klassen:

Klimaatklasse Omgevingstemperatuur
SN (uitgebreid gematigd) 10 tot 32 °C
N (gematigd) 16 tot 32 °C
ST (subtropisch) 16 tot 38 °C
T (tropisch) 16 tot 43 °C

Veel koelkasten hebben een combinatie, zoals SN-T (10 tot 43 °C). De klimaatklasse staat in de handleiding en in het productinformatieblad in EPREL.

4. Garage, schuur of onverwarmde bijkeuken

Hier gaat het vaak mis. In de winter kan het in een garage kouder worden dan 10 °C. Buiten het bereik van de klimaatklasse koelt de koelkast niet meer betrouwbaar.

Bij veel koel-vriescombinaties met één compressor meet de thermostaat alleen in het koelgedeelte. Is het in de ruimte koud, dan hoeft het koelgedeelte bijna niet gekoeld te worden en slaat de compressor zelden aan. Het vriesgedeelte wordt dan te warm en eten kan ontdooien. Sommige modellen hebben een winterschakeling of twee aparte koelcircuits; kijk in de handleiding.

In de zomer kan een garage of zolder juist heel warm worden. Dan verbruikt de koelkast veel meer en haalt hij mogelijk de gewenste temperatuur niet.

Tip: kies voor een koude ruimte een model met klimaatklasse SN, en voor een warme zolder een model met ST of T.

5. Waterpas en stevig

Zet de koelkast waterpas met de stelpootjes. Veel fabrikanten adviseren hem heel licht naar achteren te laten hellen, zodat de deur vanzelf dichtvalt; kijk in de handleiding. Een scheve koelkast kan rammelen, de deur sluit slechter en dooiwater loopt niet goed weg. Zie ook koelkast maakt lawaai en koelkast lekt water.

6. Stroom

Sluit de koelkast direct aan op een geaard stopcontact. Een verlengsnoer of stekkerdoos wordt door veel fabrikanten afgeraden. Laat het stopcontact bereikbaar, zodat je de stekker eruit kunt halen bij onderhoud.

7. Na transport en bij het eerste gebruik

  • Heeft de koelkast liggend of schuin vervoerd, laat hem dan eerst rechtop staan voordat je hem aanzet. Hoe lang, staat in de handleiding; vaak gaat het om enkele uren.
  • Maak de binnenkant schoon met lauw water.
  • Zet hem aan en laat hem een paar uur leeg koelen voordat je hem vult.
  • Controleer na een dag de temperatuur met een losse thermometer: 4 °C in de koelkast, −18 °C in de vriezer.

Veelgestelde vragen

Mag een koelkast tegen de muur staan?

Met de ruimte die de fabrikant voorschrijft. Vaak gaat het om een paar centimeter aan de achterkant; zonder die ruimte raakt de koelkast zijn warmte slechter kwijt.

Kan een koelkast in een onverwarmde garage?

Alleen als de temperatuur binnen de klimaatklasse blijft. Voor een koude garage is klasse SN (vanaf 10 °C) nodig; bij vorst werkt geen gewone koelkast betrouwbaar.

Mag een koelkast naast de oven staan?

Liever niet direct ernaast. Laat ruimte vrij of gebruik een tussenwand volgens de handleiding van beide apparaten.

Hoe lang moet een koelkast rusten na transport?

Dat verschilt per fabrikant; de handleiding noemt de wachttijd. Na rechtop vervoeren is het meestal korter.

Bronnen